woensdag 13 februari 2013

'Geen WK voetbal voor Suriname als amateurland'


Ieder land heeft dromen. Zo ook Suriname. De Zuid-Amerikanen zouden dolgraag eens aanwezig zijn op een groot mondiaal voetbaltoernooi. Het nationale voetbal zit echter in een financiële en sportieve impasse. Zonder slag of stoot zal deze niet worden overwonnen. Een blik op de lastige situatie waarin het Surinaamse voetbal zich in 2010 bevond en nog steeds bevindt. "Elk verlanglijstje heeft een prijskaartje."

In 2010 werd de Nederlander Kees Zwamborn binnengehaald als bondscoach om iets aan het voetbal te doen. 3 jaar na dato is de situatie in het Surinaams voetbal echter onveranderd gebleven. Journalist Lars van Soest maakte een reportage die nog steeds actueel is. Hij sprak met Kees Zwamborn, keeperstrainer Stephan Burke, bondsvoorzitter Louis Giskus en international Emilio Limon:

De spelers van de olympische voetbalselectie van Suriname luisteren aandachtig naar de woorden van trainer Kees Zwamborn. Vanavond oefent de ploeg van de Nederlandse oefenmeester tegen Tammenga, een ploeg uit de tweede divisie. De trainer is bijna klaar met het houden van zijn praatje. Terwijl de zon zijn laatste stralen van de dag richting Paramaribo stuurt, komt er op het parkeerterrein van het Emile de La Fuente complex een auto met piepende banden tot stilstand. Een speler stapt gehaast uit zijn auto en rent naar binnen. Te laat.

"De discipline is hier een groot probleem", vertelde trainer Kees Zwamborn. "Maar ik ben al lang blij dat deze spelers er zijn. Sommigen jongens komen niet eens. Het voetballen in het nationale team levert ook niet zo veel op. Met een zaalvoetbaltoernooitje kunnen spelers hier al meer verdienen. Ze hebben het niet breed en kiezen daar dan voor. Die jongens moeten ook gewoon geld verdienen als ieder ander. Ik kan ze op voetbalgebied op naar een hoger plan brengen, maar dan moeten ze wel komen."

Digicel Cup
De Nederlandse oefenmeester, eerder als trainer actief bij Willem II en NAC Breda, streek begin 2010 neer in Paramaribo. Een totaal nieuwe omgeving voor hem. "Ik ben op projectbasis in dienst bij KNVB. We krijgen veel verzoeken van sportbonden en clubs voor cursussen. Dit begon ook als zo’n project. Ik zou trainers les gaan geven. Op verzoek van de Surinaamse Voetbalbond (SVB) ben ik toen ook de olympische selectie gaan trainen."

"We zouden in maart het toernooi om de Digicel Cup hebben en daar zouden we naar toewerken. Het plan was dat ik tot die tijd zou blijven, maar het toernooi is om vage redenen verplaatst naar augustus en nu hebben we niks meer om naar toe te werken."

Vervelend, meende Zwamborn. "We trainen nu wel en spelen af en toe wat oefenwedstrijden, maar dat is niet te vergelijken met een toernooi. We komen twee keer in de week bij elkaar, maar dat is te weinig. De jongens zijn met hun clubs nog in competitie. Het is niet anders. Bij een toernooi had ik ze langer onder mijn hoede gehad en hadden we meer kunnen doen. Ik baal daarom van dat gedoe met die Digicel Cup."

Tammenga
Tijdens de warming-up (foto) voor een duel met Tammenga voltrok zich een aardig schouwspel. Zwamborn laat zien dat hij het voetballen nog niet verleerd is. De 58-jarige trainer, in het verleden als voetballer actief voor Ajax en NAC Breda, doet leuk mee in de rondo. "Ach, dat stelde niks voor. Dat doe ik normaal ook niet hoor, maar er zat nog een speler in de kleedkamer dus stapte ik even in."

Rond half acht wordt er afgetrapt. De zon heeft inmiddels plaatsgemaakt voor een donkere sterrenhemel. Op het kunstgras van het Emile de la Fuente complex gaat het spel op en neer. Het duel verloopt teleurstellend voor Natio. Vlak voor rust komen de spelers van Zwamborn knullig op achterstand. Een simpel weggegeven vrije trap wordt benut door een speler van Tammenga. In de slotfase van het duel weet de ploeg toch nog gelijk te maken. Een Natio-speler reageert attent op een cornerbal van links en tikt de bal net voor de verbouwereerde doelman in het doel.
Stuk voor stuk kunnen de spelers van de Surinaamse selectie overweg met een bal, maar tactisch laat het nog te wensen over. "Het zijn natuurlijk amateurs. Tactisch zijn ze niet goed, dat is vervelend", zei Zwamborn.

Keeperstrainer Stephan Burke onderkende na afloop het probleem. "De spelers moeten leren sober en simpel te voetballen", vertelt de oud-doelman, terwijl hij achter het stuur van zijn auto zit. "Dat is ook graag wat Kees Zwamborn hier wil bereiken, maar dat is moeilijk. Voor de wedstrijd kan je ze wel uitleggen dat ze de bal snel moeten rond laten gaan, maar als ze de bal aan de voet hebben, gaan veel spelers toch weer voor de eigen actie. Ze zijn verliefd op de bal", besluit Burke terwijl hij zich behendig een weg door het drukke verkeer van Paramaribo baant.


Zwamborn vertelde de volgende ochtend in de lobby van het Torarica Hotel zijn verhaal over de wedstrijd. "Ik maak mij niet zo druk om het resultaat. Van die wedstrijd trek ik mij niet zo veel aan. We zijn nog niet zo lang bezig en het was een oefenwedstrijd, dan is er altijd een andere beleving."

Infrastructuur
Het probleem van het Surinaamse voetbal ligt dieper weggestopt, meent Zwamborn. "Het belangrijkste is om de infrastructuur te veranderen. Die stap is vele malen belangrijker dan de ontwikkelingen op het veld. Je moet voorwaarden gaan scheppen, zodat die jongens vanaf drie uur ‘s middags vrij zijn. Dan kunnen ze vaker trainen."

"Ook bij de clubs moet wat veranderen. De kwaliteit van de coaches en accommodaties moet beter. De hoedanigheid van de grasvelden is ook dramatisch. In sommige stadions worden vier tot vijf wedstrijden per weekend gespeeld. Dat komt de velden natuurlijk niet ten goede. Nog zoiets, in zomer ligt het voetbal hier gewoon drie á vier maanden stil. Dat is dodelijk voor het niveau."

Het aanbieden van contracten zou een oplossing zijn, denkt Zwamborn. "Met contracten krijg je rechten en plichten. Spelers worden dan betaald en moeten zich dan wel aan de afspraken houden. Het zou zorgen voor stabiliteit. Als je niet komt moet je betalen of wordt je contract verscheurd. Dan krijg je een vaste groep."

Verlanglijstje
Het probleem is dat wanneer contracten in het spel komen, er ook geld moet zijn. En dat is er niet. Louis Giskus, voorzitter van de Surinaamse Voetbalbond legt uit. "Wij willen de jongens graag tegemoet komen, maar omdat we bij de voetbalbond financieel ook de broekriem moeten aanhouden, hopen we op medewerking van het bedrijfsleven. Zij zeggen echter dat ze eerst prestaties willen zien. Dat is krom, want om tot betere resultaten te komen moeten we natuurlijk eerst kunnen investeren. Wij kunnen het als voetbalbond niet alleen. Elk verlanglijstje heeft een prijskaartje."

Giskus wil toch graag proberen iets neer te zetten in Suriname. "De nationale voetbalselectie is de trots van een land. Dat geldt ook voor Suriname. We zijn bezig om onszelf te ontwikkelen tot een professionele organisatie. Dat is een langzaam proces, vooral als je niet over de gewenste financiën beschikt. We zijn erg afhankelijk van donateurs en hebben moeite om onze begroting te dekken met eigen inkomsten. Het probleem is dat Suriname nogal kleinschalig is, we hebben maar 500.000 inwoners."

Hard life
Emilio Limon, middenvelder van Inter Moengotapoe en het nationale elftal, heeft wel een idee hoe het Surinaamse zakenleven te prikkelen. Direct na de wedstrijd met Tammenga vertelt de toen eenentwintigjarige voetballer met een kopje soep in zijn hand over zijn idee. "Ik heb wel eens geopperd voor een plan waarbij de rijke bedrijven van Paramaribo elk één speler van het nationale team onder hun hoede zouden nemen. Zij kunnen de spelers dan financieel steunen, in het gareel houden en bewust maken van de kans die ze hebben."

Limon, die de afgelopen jaren tevergeefs stage liep bij AZ, FC Utrecht, Anderlecht en het Engelse Sunderland, vindt dat het team in een lastige situatie zit. "Er is geen geld om de voetballers te compenseren. Dit terwijl de spelers naast het voetballen ook gewoon werken of naar school gaan. Dat is een hard life. Sommigen willen graag architect worden en doen het voetbal er een beetje bij. Dat kan niet. Als we naar het WK willen moet voetbal nummer één zijn."

Het woord is gevallen: het WK. In 2014 hoopt Suriname er in buurland Brazilië bij te zijn. "Het is een lastige kwestie, maar ieder land heeft dromen", zegt voorzitter Giskus. "Als je op je lauweren gaat rusten dan ga je die dromen niet waarmaken. Wij hopen het WK van 2014 te halen, we gaan voor het beste resultaat. Meer dan ons best kunnen we niet doen."

Hoe realistisch de droom van Suriname is, valt nog te bezien. Kees Zwamborn is stellig. "Het slaat nergens op om te denken dat je als amateurland kans maakt om je te plaatsen voor een WK voetbal. We moeten hier eerst maar eens de randvoorwaarden ontwikkelen."

Heden
Uiteindelijk werd Natio in 2011 inderdaad uitgeschakeld voor het WK van volgend jaar. Op weg naar de volgende kwalificatiereeks voor het WK 2018 in Rusland zijn er nog geen plannen gemaakt. Het nationaal elftal is immers ontbonden. De kwalificatiewedstrijden zullen voor Suriname waarschijnlijk in 2015 van start gaan. Mogelijk kan een nieuw bestuur na de SVB-bestuursverkiezingen de Surinaamse droom een stukje realistischer maken.

4 opmerkingen:

  1. Het is heel simpel: zonder investeringen gaat niks vanzelf. Dat is met ales zo. Om je te kunnen plaatsen voor een WK, moet je wedijveren met landen als Mexico, Amerika en Costa Rica. Als die selecties bij elkaarzijn, trainen ze 2 a 3 keer per dag. Ook bij hun clubs. Onze jongens moeten eerst ng werken, om vervolgens maimaal 1 training af te leggen.
    Dus het is simpel: investeer, om voortgang te boeken, of investeer niet, en accepteer dat je op het nivau Kaaiman eilanden actie blijft.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Suriprof Gynor Plet trekt een zogenaamde psa pasje tijdens zijn doelpunt tegen Stuttgart. Ik denk dat hij met deze wilt aangeven, dat de regering van Su meer inspanningen moet plegen om het proces te bespoedigen. Dus geachte president D.D. Bouterse de Suriprofs wacht op u!!!!

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Een jonge Surinamer, Miguel Van Assen, 16 jaar, uit Moengo heeft 2x goud behaald op het onderdeel hoogspringen en hinkstap springen tijdens de Junioren Caraibische Atletiek Kampioenschappen , de Carifta Games, te Bahamas.Vermeldenswaard is dat hij op hinkstapsprong een nieuw caraibisch record heeft gevestigd.Als deze jonge man deze zelfde trend blijft behouden met een goede begeleiding hebben we een potentiele middaille winnaar tijdens de Olympische Spelen en Wereld Kampioenschappen Atletiek.En wie traint deze kinderen ( want ook een ander jongen uit Moengo heeft silver behaalt op hinkstapsprong) een Cubaan ! Wat ik wil zeggen is dat als je geen kader hebt in eigen land moet je dat laten halen.En dan zal het succes niet uitblijven en dat heeft deze Cubaanse trainers bewezen.Maar alleen de SVB denkt anders hierover. Onze trainers hebben hun plaffond al bereikt.Is geen schande als je een buitenlands coach met meer ervaring die op een hogere niveau heeft gewerkt laat komen om onze selecties naar grotere hoogten te brengen.En bet your life dit zal de motivatie bij de jongens laten groeien.En al willen we zo graag naar WK, we moeten eerst tot de top van het Caraibsch gebied behoren, net als Miguel, en daarna het Concacaf om te kunnen praten voor plaatsing voor het WK.Met of zonder onze jongens in Europa.Want de Cubaanse trainers hebben dat bewezen met deze eenvoudige Surinaamse kinderen uit de districten.Ministerie van Sport maar meer nog de President van Suriname investeer in de sport want het kan !

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Alle 3 opmerkingen hierboven, daar ben ik het mee eens. Maar we moeten meer schreeuwen en zelf meer geld verdienen en het zelf doen. zo wordt een maatschappij opgebouwd.

    BeantwoordenVerwijderen